Column

Word wakker

‘Vroeg opgestaan brengt de hele dag meer vreugde aan’. Met dit ultravrolijke, motiverende geluid trok mijn lieve moeder destijds de gordijnen open om mij te stimuleren m’n bed uit te gaan om op tijd op school te komen. Ik vond het ‘vroeg opgestaan’ riedeltje eerder een vorm van cynisme dan dat ik er enthousiast de dekens van naar achteren sloeg.
Hoe anders is het leven nu.Regelmatig, soms al voor dag en dauw, maar meestal tijdens het krieken van de dag word ik zonder wekker wakker. Hoe lekker zou het zijn om dan gewoon nog even in relaxmodus te kunnen blijven liggen. Mezelf nog eens om te draaien, me in te nestelen in het warme holletje en me overgeven aan het lome, slaperige gevoel. En soms doe ik dat. Dan denk ik f*ck it, ik doe net alsof ik nog niet wakker ben.
En ja, bij tijden loopt dat goed af. Ik word soms zelfs helemaal zen wakker, rek me uit en daal af naar de keuken om een lekker kopje koffie te maken. Al genietend kijk ik naar mijn mooie tuin en lieve diertjes waarvoor ik voor het gemak dan even de deur openzet zodat ze buiten hun behoefte kunnen doen.
Maar af en toe, en dat is regelmatiger dan me lief is, lukt dat niet. Dan is ‘uitgeslapen zijn’ geen synoniem voor bij de pinken en clever zijn, maar het recept voor een dag lang hinderlijke hoofdpijn met een stijve nek, vergezeld door een Japanse trommelaar die ergens linksmidden van mijn hoofd aan het beuken is.
Het eerste straaltje licht is voor mij dan ook regelmatig de aanleiding om als de sodemieter m'n bed uit te gaan om te voorkomen dat ik last krijg van die stekende hoofdpijn, die zo ontzettend mijn humeur kan verpesten. Om te voorkomen dat ik zo’n dag heb waarop ik strijd om weg te blijven van pijnstillers, zo’n dag waarop ik m’n nek probeer te masseren en er niemand in de buurt is om het voor mij te doen, onder de warme straal ga staan, de neckless probeer te doen om de boel los te maken waarna ik uiteindelijk toch te regelmatig beland voor de pillenkast.
En dat regelmatige, dat veroorzaak ik regelmatig zelf door mijn onregelmatigheid. Tegenwoordig draai ik me daarom niet meer om naar links, maar naar rechts. Ik zet m’n voeten op de grond en sta gewoon op. Precies zoals mijn moeder me destijds al adviseerde, ook al was dat toen enorm hinderlijk, mega irritant en kon ze op gruwelijke wijze mijn ochtendhumeur tot ongekende hoogtes opzwepen.
Ondertussen neurie ik zachtjes ‘Word wakker ‘t zonnetje is al op’, het liedje dat ze zong ‘s ochtends vroeg in de keuken terwijl ik me, als vermoeide tiener, mijn bed uitsleepte. Okay, ik biecht op, ik neurie dat liedje helemaal niet, maar ja, ik vond in deze dat het klonk als een happy end en semi-succesverhaal. Wat ik wel doe is werken in de vroege uurtjes en kan ik bevestigen dat vroeg opstaan regelmatig inhoudt dat ik een vreugdevollere dag heb. 
Dankjewel mam!